Sinds 2005 ben ik actief als tekstschrijver. Ik ken ‘groen Nederland’ goed en ben goed ingevoerd in natuur en landschap, water, duurzaamheid, natuurlijk kapitaal en landbouw.

Ik werk graag met taal, van het ambachtelijke taalwerk (redigeren, inkorten) tot het creatieve werk zoals het schrijven van boeken en artikelen (inclusief research en interviews). Ik heb ruime ervaring met beleidsontwikkeling en ben daardoor gemakkelijk op seniorniveau inzetbaar in allerlei projecten.

Op mijn LinkedIn-profiel kunt u meer informatie over mij vinden. Ik ben lid van Tekstnet, de beroepsvereniging voor tekstprofessionals. Als het over water, natuur of platteland gaat, werk ik regelmatig samen met Mirjam Jochemsen.

Hieronder vindt u blogs over mijn werk, over taal, over biologie en andere onderwerpen – o.a. boekrecensies.

Kerk, staat en vaccinatie

Geen categorie | |  2 Reacties

Bij zijn oproep aan predikanten over vaccinatie kwam Mark Rutte uit voor zijn geloof. Maar tegelijkertijd sprak hier de premier die predikanten zei wat ze moesten doen, inclusief theologische argumentatie. Hoewel niet heel erg, is dit toch een fout. Het is historisch beladen (Maurits & Van Oldebarnevelt …..), en zou als politiek feit wel wat meer aandacht mogen krijgen.
Verder stelt de oproep niets voor. Het is het in de protestantse traditie heel formeel zo geregeld dat dominees in principe niets te zeggen hebben over gelovigen. Het is eerder andersom. Ze worden zelfs betaald door de kerkleden….
Was Rutte onderlegd geweest in de kerkgeschiedenis, dan had hij kunnen zeggen: “Als premier heb ik hier niets over te melden. Als lid van de Protestantse Kerk van Nederland roep ik mijn medeleden echter op om hun kinderen te laten vaccineren.” Dat had meer indruk gemaakt.

Hoed

Geen categorie | |  1 Reactie

Zo’n 100 jaar geleden trouwden mijn Oma en Opa. Op mijn bureau ligt de Hoge Hoed die mijn Opa volgens de overlevering bij die gelegenheid droeg. Gemaakt door J.P. de Koning uit Delft. Het logo bevat een afbeelding van een zegel met ‘Mode de Paris’. Van buiten is ie zwart, fluwelig, van binnen afgezet met paars papier. Het zal een goedkoop ding geweest zijn. Hij ruikt naar ‘oud’. Naar huizen van Opa’s en Oma’s. Onlangs heb ik de originele kartonnen hoedendoos weggegooid, hij was aan het vergaan.

Over J.P. de Koning te Delft vind ik op het internet niets terug. Jammer. Ik fantaseerde al over een mooie plaats in het bedrijfsmuseum van De Koning Hoedenmakers te Delft.

Waar de hoed om het hoofd sluit, zit aan de binnenkant een leren band. Daarachter zit, ter versteviging of verkleining, een opgevouwen krantenpagina. Het betreft de Westlandse Courant van zaterdag 6 mei 1916, de pagina’s 6 en 8. De krant staat o.a. stil bij de stand van zaken van de oorlog van dat moment (“Tot heden is nog niets bekend in zake het antwoord van Duitschland op de Amerikaansche nota”). Daarnaast veel advertenties (“Hebt gij een uurwerk noodig? Koopt dit bij W.C.C. van der Schoot en gij zijt verzekerd van goeden kwaliteit voor billijken prijs”).

De hoed is mij veel te klein. Zo groot als mijn hoofd is (ik moet altijd naar speciaalzaken voor een zomerhoedje), zo klein moet het hoofd van mijn Opa geweest zijn. Mijn vader droeg hem zelden, ook bij hem stond hij boven op het hoofd.

Waarover gaat dat liedje van Anouk eigenlijk?

Opinie | |  Laat een reactie achter

‘Birds’, het liedje waarmee Anouk morgenavond het Eurovisie Songfestival hoop te winnen (‘Ja, duh!’), heeft een intrigerende tekst, van de hand van Anouk zelf. Het eindigt met de slotzin: ‘That’s why birds don’t fly’. Vogels vliegen niet.

Hoe krijgt iemand het voor elkaar om zo’n tekst te maken, nog wel als slotzin, als conclusie van het liedje? En waarom valt niemand daarover? Sterker nog: waarom schaart ineens het hele volk zich achter Anouk, waarom ineens dat Oranjegevoel (ook bij mij)?

‘Birds’. Lastige melodie, cryptische tekst, en werkelijk onwerkelijk mooi gezongen – door een heel goede zangeres. Prachtige volle klank, natuurlijk vibrato, mooie opbouw, intelligent gezongen – Anouk zingt die lastige melodische wendingen volstrekt natuurlijk weg. Het is een liedje dat langzaam aan een lied wordt. ‘It grows on you’ zeggen de Amerikanen.

Tekst

Maar wat moeten we dan met die vogels die niet vliegen? Wij praten thuis vaker over teksten van liedjes. Ik zeg tegen mijn zoon van 11: “Nou, het hele lied gaat over liefdesverdriet. Je kunt je dan vreselijk alleen voelen en dat vind je op allerlei plekken terug in de tekst. Die vogels die van de top van het dak vallen staan voor verdriet. Daar zet ze de regendruppels naast, en dan ben je zo bij tranen. Tranen vliegen niet,”…..”die vallen” vult hij aan.

Verder denkend heb ik bij de vallende vogels de associatie met de enorme regenbuien aan het eind van films Magnolia en American beauty. In die regenbuien komen beide films tot hun climax. In Magnolia komen geen vogels maar kikkers uit de lucht vallen…. Tijdens de regenbui komen alle hoofdpersonen in beeld terwijl ze meezingen met een liedje (Wise up van Aimee Mann). In American beauty wordt de hoofdpersoon tijdens de regenbui vermoord, en blijft zijn vrouw verscheurd door verdriet en berouw achter.

Vogels als regendruppels als tranen. Prachtig.

"Ik wil niet dat het klimaat verandert"

Geen categorie | |  1 Reactie

Na mijn vorige blog werd Nederland overvallen door een voorjaars-koudegolf die zijn weerga nauwelijks kende. In ‘Tegen de klimaatverandering’ sprak ik de wens uit dat we nog veel koude en langzame lentes zouden meemaken.

Nu zit er een dikke adder onder het gras zo gauw je spreekt over klimaatverandering en koud dan wel warm weer. We hebben een koud voorjaar, dus het valt wel mee met de klimaatverandering c.q. de opwarming de aarde. We hebben een warme zomer, dus de opwarming van de aarde is een feit.

Die verbanden zijn er niet, en dergelijke argumenten zijn drogredenen. Klimaatverandering gaat over gemiddelde veranderingen gemeten over het gehele aardoppervlak. De oppervlakte van de aardbol is 510 miljoen km2, die van Nederland ruim 37.000 km2: minder dan 1% van 1%. Dus het weer in Nederland in het voorjaar van 2013 zegt (naar beneden afgerond) niets over de trend in het klimaat op wereldschaal. Overigens is het bijna een aparte tak van wetenschap om voor bijvoorbeeld de bepaling van de gemiddelde temperatuur op aarde de juiste methode te ontwikkelen en toe te passen.

Er is trouwens allerlei ondersteunend bewijs uit de natuur. In ons nieuwe boek over Texel (www.duinenenmensen.nl/texel, zie ook Trouw van donderdag a.s.) zit een hoofdstuk over de bewezen opmars van zeevissen uit warmere contreien tot de omgeving van Texel.

Terug naar het verband tussen het weer in Nederland en het klimaat op wereldschaal. Heb ik mijzelf nou bezondigd aan deze drogreden door mijn blog over langzame, koude lentes de titel ‘Tegen de klimaatverandering’ te geven? Oppervlakkig gezien wel. “Maar ik zal mijn handelwijze toelichten.” De gemiddelde temperatuur in Nederland is in de afgelopen 30 jaar gestegen. Dat is waarschijnlijk onderdeel van een wereldwijde opwarming. In dat beeld past de aanname dat koude lentes zich in de toekomst waarschijnlijk minder vaak zullen voordoen dan vroeger, net als winters met Elfstedentochten. Het is een statistische manier van denken.

‘Tegen de klimaatverandering’ betekent hier dan ook het volgende: ik wil niet dat het klimaat verandert. Maar ja, wie heeft hier iets te willen.

Tegen de klimaatverandering

Geen categorie | |  Laat een reactie achter

Het hoogtepunt van de lente is voor mij het stadium waarin alles nog pril is, het uitlopen van het allereerste nieuwe groen, begeleid door jubelende vogels. De laatste jaren duurt dit stadium meestal niet lang. Het warme weer veroorzaakt een explosie van kleur (vooral groen) en vorm (bloemen, blaadjes, boomkruinen). Al snel ziet alles er gewoon uit.

Voor dit jaar hoop ik op een langzame lente: fris, veel zon, mooie wolkenluchten en prachtig licht. De explosie verloopt dan in een goed uitgelichte slow motion. De tere, pas uitgevouwen blaadjes van de loofbomen blijven wekenlang teer en pas uitgevouwen, de nieuwe populierenblaadjes blijven wekenlang bruin, de overvloed aan brandnetel, fluitenkruid en paardenbloem komt slechts langzaam over ons. De bloemetjes van de es en de esdoorn hebben de tijd om hun gebrek aan pracht te tonen en worden niet meteen bedolven onder nieuw blad. De els houdt zijn grappige uiterlijk met kleine katjes, jonge blaadjes en proppen van vorig jaar. De zangvogels zijn wekenlang niet alleen hoorbaar, maar ook zichtbaar. Omhoog kijken naar laanbomen die afsteken tegen de lucht is adembenemend.

Ik denk tijdens langzame lentes altijd terug aan mijn Amsterdamse jaren, toen ik het fenomeen ontdekte. De Frans van Mierisstraat met de oude hoge populieren, de Van Breestraat met de wondermooie Acacia’s, de Bernard Zweerskade met de Ginkgo’s.

Niet ver van ons huis bevindt zich een plantsoen met tientallen berken van ongeveer twintig jaar oud. Witte berkenstammetjes tonen zich onbeschaamd, en verdringen, tijdens het kijken dan, de associatie met het gedicht van Remco Campert over 1945. Pas nu, bij het schrijven, denk ik er weer aan. Campert memoreert dat de bevrijding het hele voorjaar op losbandige wijze werd gevierd, maar zonder hem, want hij “… moest nodig / de reine berk bezingen / en zijn bescheiden bladerpracht. Was het in 1945 ook lang koud in het voorjaar? Tot 1980 moet dit verschijnsel zich heel geregeld hebben voorgedaan. Nu wordt het een zeldzaamheid.